Valeriaan, Echte - Valeriana officinalis
Valeriaanfamilie - Valerianaceae
Ook wel Kamperfoeliefamilie - Caprifoliaceae
en. Valerian - fr. Valériane officinale - de. Echter
Baldrian
Echte Valeriaan is een van de oudste geneeskrachtige kruiden en
had lange tijd een de indrukwekkende reputatie als middel tegen een scala van kwalen.
De Romeinse kruidenkundigen Dioscorides en Plinius gaven al
een uitgebreide beschrijving van het kruid. Galenus adviseerde Valeriaan bij duizeligheid en oogklachten.
Het kruid wordt ook beschreven in ‘Physica’, het kruidenboek van Hildegard von Bingen en ook latere auteurs als
Dodoens en De Lobel schreven Valeriaan voor bij o.a. vallende ziekte en menstruatieklachten.
Valeriaan was dan ook een van de belangrijkste kruiden
in de middeleeuwse kruidentuinen.
Veel toepassingen van Valeriaan behoren inmiddels tot het
verleden en tegenwoordig wordt Valeriaan voornamelijk gebruikt vanwege zijn rustgevende en krampopheffende
eigenschappen.
Het kruid werkt goed als middel tegen slapeloosheid, maag-
en darmstoornissen, angstgevoelens, hartkloppingen en allerlei andere klachten van nerveuze aard.
Waar de naam Valeriaan precies vandaan komt is niet bekend.
Sommige auteurs menen dat Valeriaan is afgeleid van het Latijnse woord ‘valere’, wat ‘kracht’ betekent of
vernoemd is naar de Romeinse keizerin Valeria, die door de plant genezen zou zijn.
Anderen houden het er op dat Valeriaan een verbastering is van balderiaan en verwijst naar de Germaanse lichtgod
Balder.
Het achtervoegsel ‘officinalis’ wijst op het gebruik van de plant als medicinaal kruid.
Belangrijke inhoudsstoffen van Valeriaan zijn: etherische
olie met o.a. norneol; terpenen als valerenal en valeranone; organische zuren, waarvan valeriaanzuur de
belangrijkste is; vluchtige alkaloïden (alleen in verse wortel) en verder nog looistoffen en
hars.
Valeriaan, Botanisch
De valeriaanfamilie omvat meer dan 250 soorten. Geen
familie echter is de tuinplant Rode Valeriaan (Centrantus ruber). Deze plant heeft geen
geneeskracht.
Echte Valeriaan is een overblijvende plant die gemakkelijk 1 meter
hoog kan worden. De korte wortelstok is warrig door de vele uitlopers en laat zich gemakkelijk delen, waardoor
weer nieuwe planten ontstaan.
De recht opgaande stengel is kantig en hol en kan behaard of kaal zijn. Het bloeiend stengelgedeelte is
vertakt. Daaraan komen in juni roze, trechter- vormige bloemen, die in pluimvormige schermen bijeen staan. De
bloeitijd duurt tot september, waarna de plant zaad zet.
De tegenover elkaar staande, geveerde bladeren zijn aan de onderkant van de plant langgesteeld, terwijl de bovenste
bladeren ongesteeld zijn. De blaadjes zijn eirond tot lancetvormig en kunnen gaafrandig of getand zijn.
De driehoekige vruchtjes bevatten elk een zaadje. Aan de top van de vrucht ontwikkelen zich veerachtige pluimpjes,
die als een soort parachute dienst doen. Zo wordt het zaad door de wind verspreid en kan in korte tijd overal in de
buurt opduiken.
Valeriaan houdt van een beschutte plek en een goed
doorlatende, niet te droge grond. De plant kan tegen een enkele overstroming en je ziet hem dan ook vaak staan
bij waterlopen, in vochtige bossen en bermen.
Ook in de meeste tuinen voelt Echte Valeriaan zich thuis
zolang aan de bodemeisen zijn voldaan.
Valeriaan in de keuken
Valeriaan is geen keukenkruid. Het jonge blad wordt wel
gebruikt in voorjaarssalades.
Valeriaan in de huisapotheek
Echte Valeriaan is een zachtwerkend, rustgevend kruid en
wordt gebruikt in die gevallen waarin stress de oorzaak is van onwel bevinden en ook ter voorkoming daarvan.
De populariteit van Valeriaan is
mede te danken aan wetenschappelijk onderzoek dat zijn genezende kracht heeft aangetoond. De resultaten van de
verschillende proeven lopen echter nogal uiteen en zijn nog steeds punt van discussie. Interessant is wel dat men
het erover eens is dat geen enkele stof alleen verantwoordelijk is voor de rustgevende eigenschappen van Valeriaan
maar dat dit wordt bereikt door de combinatie van alle werkzame stoffen.
De remedies in de vorm van tinctuur, thee of dragees worden
gemaakt van de verse of gedroogde wortel.
Een tinctuur van Valeriaan
kun je maken door 100 gram gesneden wortel te macereren in een halve liter brandewijn of rum. Laat dit mengsel 3
tot 4 weken trekken en zeef het daarna af. In spanningsvolle tijden neem je daarvan 3 x daags 20 druppels in wat
water.
Kun je door nervositeit moeilijk in slaap vallen, neem dan
voor het slapen gaan een theelepel tinctuur.
Als je geen alcohol mag of wilt, is valeriaanthee een goed alternatief. Zeker bij nervositeit voor een (rij)examen
of een andere spannende gebeurtenis.
Valeriaanthee maak je door 4 theelepels fijngemaakte valeriaanwortel te overgieten met een halve liter koud water.
Dit mengsel onder af en toe roeren 10 uur laten staan. Daarna afzeven en 2x daags een kopje ervan drinken. Dit
middel helpt ook tegen slapeloosheid en hartkloppingen van nerveuze aard.
Psychische spanningen worden stukken minder door een
theekuur van gelijke delen Valeriaan en Citroenmelisse. Je overgiet 2
theelepels van dit mengsel met een kwart liter kokend water en laat dit 1 uur trekken. Daarna zeven en zo warm
mogelijk opdrinken.
Maag- en darmkrampen, die door stress worden veroorzaakt, verminderen door een theekuur van gelijke delen
Valeriaan, Kamille en Pepermunt. Het recept is
hetzelfde als boven, alleen neem je nu 3 theelepels van het mengsel.
Slapeloosheid kun je ook bestrijden door het nemen van een
valeriaanbad, dat uiterst kalmerend werkt. Hiervoor neem je 100 gram valeriaanwortel en laat dit 10 uur trekken
in een liter koud water. Daarna afzeven en aan het badwater toevoegen.
Vanwege zijn krampontspannende en kalmerende eigenschappen
wordt Valeriaan ook gebruikt wel bij (spier)krampen, diarree en opzwellingen.
Bijwerkingen van Valeriaan
Sommige mensen zijn overgevoelig voor Valeriaan en krijgen
er hoofdpijn van. Zij moeten het kruid niet gebruiken.
Ook zwangeren kunnen Valeriaan beter niet gebruiken en datzelfde geldt voor vrouwen die borstvoeding
geven.
In te hoge doses ingenomen, gedurende een lange tijd (2-3
weken zonder onderbreking) kan Valeriaan een averechtse werking hebben, dus let er op de aanbevolen hoeveelheid
niet te overschrijden.
Valeriaan en slaapopwekkende medicijnen versterken elkaar.
Gebruik ze dus niet tegelijkertijd. Het is trouwens altijd van belang om bij medicijngebruik eerst een arts te
raadplegen voor je een kruidenkuur begint.
Geef katten nooit Valeriaan, zij kunnen er absoluut niet
tegen. Ook paarden en honden moet je geen Valeriaan geven. Schapen en geiten eten het kruid wel
graag.
Verder zijn geen bijwerkingen te vrezen.
Lees ook
dit
Valeriaan oogsten en bewaren
Gebruik bij voorkeur in de tuin gekweekte planten. Graaf in
september de wortels van overjarige planten uit en was ze goed schoon. Verwijder daarna de wortelharen met een
grove kam.
Daarna laat je de wortels drogen op een luchtige, warme plek. Je kunt ook de verse wortel meteen verwerken in een
tinctuur.
Tijdens het drogen ontstaat een typische valeriaangeur, die een beetje lijkt op rijpe Franse kaas.
Houdt tijdens het droogproces katten uit de buurt, want zij worden euforisch van de geur.
Gedroogde valeriaanwortel is ook in de handel
verkrijgbaar.
En verder……
Een aftreksel van de hele plant, inclusief de wortel levert
een goede gier op, die wormen aantrekt in de tuin.
Om te voorkomen dat bijen gaan zwermen leggen imkers wel
valeriaanwortel in de bijenkorf. Het zou ook nieuwe bijen aantrekken.
Tijdens WO1 werd Valeriaan gebruikt bij de behandeling van
shellshock, een psychisch trauma van soldaten in de loopgraven.
In de Middeleeuwen werd gedroogde valeriaanwortel als
amulet om de hals gedragen. Het zou oogontstekingen tegengaan en kwaadwillende elfen en ander gespuis op afstand
houden.
In Zweden hing men gedroogde valeriaanwortel in de
woonkamer. Men geloofde dat de wortel heen en weer zou bewegen wanneer een heks de kamer
binnenkwam.

Niet alleen katten, ook ratten worden aangetrokken door Valeriaan.
Zo zou niet het betoverende fluitspel van de rattenvanger van Hameln de ratten hebben aangetrokken, maar een bundel
valeriaanwortel.
Valeriaan werd, samen met pimpernel ook gezien als afweer tegen pest. “eet pimpernel en valeriaan, dan klopt bij
jou de pest niet aan”, zo staat in een oud kruidenboek.
Kauwen op een verse wortel zou woede opwekken. Zo gaat het
verhaal dat een beul zo weekhartig was, dat hij voor elke terechtstelling op valeriaanwortel moest kauwen om te
voorkomen dat hij, door medelijden overmand, zijn beulswerk niet zou kunnen doen.
|